Inleiding

Artikel 40a van het Barp geeft de ambtenaar aanspraak op buitengewoon verlof met behoud van zijn volledige bezoldiging voor de opvang bij calamiteiten in zijn persoonlijke levenssfeer.

Noodsituatie

Er moet dus sprake zijn van een noodsituatie. Daarmee wordt bedoeld dat er sprake moet zijn van een situatie, waarbij op dat moment redelijkerwijs geen andere oplossing voorhanden is en het dus noodzakelijk is dat de ambtenaar de verzorging op zich neemt.

Melding aan de werkgever gebeurt in principe vooraf (art. 40a lid 5 van het Barp). De werkgever mag bewijs van de werknemer verlangen (art. 40a lid 6 van het Barp). Het verlof is bedoeld voor de eerste opvang en het treffen van noodzakelijke voorzieningen. Het bedraagt ten hoogste 1 dienstdag per calamiteit voor ten hoogste 3 calamiteiten per jaar (artikel 40a lid 3 van het Barp).

Beoordeling

In het zesde lid van artikel 40a van het Barp is opgenomen, dat de ambtenaar achteraf duidelijk moet maken dat er sprake was van een calamiteit. Het is aan de beoordeling van het bevoegd gezag of de ambtenaar redelijkerwijs aan deze verplichting heeft voldaan. Wanneer de ambtenaar daar niet in slaagt, kunnen de opgenomen uren in mindering worden gebracht op het vakantieverlof. 

Standpunt

N.v.t.

Abonneer op onderwerp

 
 

Laatste blogs

11.05.2012 16:05
Tijd voor stappen

26.04.2012 17:43
24/7 Loket Politie

16.04.2012 17:23
Snapt u het nog?

04.04.2012 13:23
Oog voor de toekomst