De ACP is, als toonaangevende vakbond in de veiligheidssector, betrokken bij de CAO-afspraken die worden gemaakt in de sector politie. Zo sluit de ACP samen met en namens haar leden de CAO Politie af met minister Opstelten van Veiligheid & Justitie. Een traject van waaruit ook in 2012 een CAO is voortgekomen. Deze CAO Politie 2012-2014 is in de rechterkolom te downloaden.
CAO-inzet 2012 (zomer 2011)
Een CAO is een verzameling van afspraken tussen de werkgever en werknemers. De werknemers worden daarbij vertegenwoordigd door hun vakbond. De afspraken die worden gemaakt, worden vastgelegd en opgenomen in de rechtspositieregelingen. Met rechtspositieregelingen worden onder meer het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp) en het Besluit bezoldiging politie (Bbp) bedoeld. In een CAO worden daarnaast conceptafspraken vastgelegd die in de jaren erna in werkgroepen verder worden uitgewerkt. Een voorbeeld daarvan is de werkgroep Harmonisatie Arbeidsvoorwaarden Politie (HAP).
Wanneer er weer wordt onderhandeld over een nieuwe CAO is afhankelijk van de looptijd van de huidige CAO. Soms wordt er een CAO met een looptijd van één jaar afgesloten, maar er worden voor de sector politie ook vaak CAO’s afgesloten met een looptijd van meerdere jaren. In het jaar dat de huidige CAO afloopt, wordt ook het nieuwe onderhandelingstraject opgestart.
De ACP is de belangenbehartiger van haar leden, politiemensen in allerlei soorten functies. Daarom is het voor de ACP van groot belang een goed beeld te hebben van de verwachtingen en behoeftes van haar leden. Wat speelt er op de werkvloer en wat verwachten leden van hun vakbond? Op basis van die verwachtingen en behoeften gaat de ACP in gesprek met de minister (werkgever). Ook verderop in het proces zijn het de ACP-leden die met en voor elkaar de koers bepalen. Ledenbijeenkomsten en (online) stemmingen zijn dan ook een belangrijk onderdeel van het totale proces.
De onderhandelingen voor een nieuwe CAO Politie vinden plaats in een turbulente tijd. De samenleving is harder geworden. De economische crisis laait weer in volle hevigheid op. Geweld tegen politiemensen neemt toe. Ter illustratie: drie kwart van de politiemensen heeft te maken gehad met agressie en geweld tegen zichzelf. Politiemensen merken in hun werk vaak als eersten de effecten van sociale onrust, toenemende criminaliteit en spanningen tussen bevolkingsgroepen. In dit soort tijden van onzekerheid, economische neergang en toenemende maatschappelijke onrust is een goed functionerende politie van cruciaal belang.
Het kabinet wil volop bezuinigen op de publieke sector, met directe en indirecte consequenties voor de politiesector. Ook de oudedagsvoorzieningen, zoals AOW en pensioen staan ter discussie, de levensloopregeling wordt afgeschaft. Tegelijkertijd is 'veiligheid' een belangrijk thema voor dit kabinet. Het kabinet wil meer ruimte bieden aan het vakmanschap van de politie. Maar ook moet de organisatie van de politie effectiever en efficiënter worden, zonder dat er feitelijk extra geld bij komt. De werkdruk zal toenemen, zowel onder het administratieve als onder het executieve personeel, omdat meer taken door minder administratief personeel uitgevoerd moet worden. De druk op de balans tussen werk en privé zal hierdoor toenemen.
Binnen de sector is de omvorming tot Nationale Politie feitelijk één grote reorganisatie, waarin een groot beroep gedaan zal worden op het incasserings- en organisatievermogen van politiemensen. Door de vorming van een Politiedienstencentrum, waarin alle ondersteunende taken van de politie worden ondergebracht, verdwijnen minstens 2000 banen.
Wanneer we onze blik wat verder in de toekomst richten, zien we dat er steeds meer druk op de arbeidsmarkt komt te staan. In alle sectoren neemt, ten gevolge van de vergrijzing, de uitstroom van mensen toe. De vraag naar arbeid neemt daardoor toe. Werkgevers, dus ook de politie, moeten aantrekkelijk genoeg zijn én blijven om voor te werken. Werknemers zullen steeds meer invloed en zeggenschap willen hebben over hun werk. Bijvoorbeeld om werk en privé te combineren en om zich verder te ontwikkelen. Maar ook om hun professionaliteit in te zetten, om daarmee recht te doen aan de oorspronkelijke persoonlijke beweegredenen om voor de politie te gaan werken. Kortom, het hele palet aan arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid zal in de toekomst een belangrijke afweging zijn voor werknemers om een keuze voor een bepaalde werkgever te maken.
Dit alles vraagt een nieuwe manier van organiseren van het werk en de arbeidsvoorwaarden en condities waaronder politiemensen hun werk doen. De nieuwe CAO Politie zal moeten inspelen op deze ontwikkelingen, waardoor de sector politie nu en in de toekomst een aantrekkelijke werkgever is en blijft.
De ACP stelt eigen verantwoordelijkheid en weer- en wendbaarheid centraal. De ACP ziet de werknemer als een professional met unieke talenten die verantwoordelijk is voor de uitoefening van het eigen vak en de eigen loopbaan en daarin persoonlijke keuzes maakt. Dat vereist echter ook dat de werknemer de gelegenheid moet krijgen om die verantwoordelijkheid te pakken, op een manier die bij hem of haar past. De werkgever is daarom in onze visie verantwoordelijk voor het bieden van kansen en mogelijkheden op het gebied van loopbaanontwikkeling, het combineren van werk en privé. Kortom, hier ligt een gezamenlijke verantwoordelijkheid, die in de nieuwe CAO uitgewerkt moet worden.
Samen met onze leden is de afgelopen maanden gewerkt aan de ACP-inzet voor de CAO 2012. Tijdens vakbondsbijeenkomsten in alle regio’s, middels ledenpanels en via de mail hebben we gehoord wat leden belangrijk vinden voor de nieuwe CAO en wat hun wensen zijn.
Na inventarisatie van deze wensen heeft de Algemene Vergadering drie kernthema’s tot hoofdinzet voor de komende CAO-onderhandelingen benoemd: werkzekerheid, koopkracht en de generatiewisseling waar de sector voor staat. Hieronder worden deze kernthema’s verder uitgewerkt.
Werkzekerheid
Bij Werkzekerheid staat voor de ACP centraal:
> Geen gedwongen ontslagen
> Niemand werkloos
> Geen onnatuurlijke verplaatsingen van werk
De oprichting van de Nationale Politie leidt tot veel veranderingen in de sector, waarbij vooral het ATH-personeel kwetsbaar is. Baanverlies mag niet tot werkloosheid leiden. Werkzekerheid staat voorop. Daarbij moet in eerste instantie gekeken worden of collega’s binnen de sector aan de slag kunnen blijven. Overstappen vanuit ondersteunende diensten naar (licht-)blauwe functies moet gefaciliteerd worden. Pas als dit niet mogelijk blijkt, wordt er gezocht naar een passende plek buiten de politieorganisatie, maar binnen de desbetreffende huidige regio. Dit vereist goede begeleiding en faciliteiten, passend bij de mogelijkheden en wensen van de betrokken collega’s. Herplaatsing vraagt flexibiliteit van collega’s. Deze flexibiliteit moet beloond worden in de vorm van onder meer een goede reistijd- en reiskostencompensatie.
De komst van de Nationale Politie is niet uitsluitend een kwestie van een reorganisatie. Ook de omvang van de nationale politie is onderwerp van discussie. De ACP vindt dat de werkgelegenheid in de sector op peil dient te blijven, zowel voor ‘blauw’ als voor de collega’s in de ondersteunende functies, die immers onmisbaar zijn om de blauwe taken goed uit te voeren. Bovendien kan het niet zo zijn dat collega’s in het operationele veld de dupe worden van een afbouw van ondersteuning, doordat zij de ondersteunende taken zelf moeten gaan uitvoeren. De ACP wil dat er een afspraak tot stand komt over de totale sterkte van de politie. De discussie over de omvang van de politie moet gebaseerd zijn op de kwaliteit van politiewerk en de daarvoor noodzakelijke kwantiteit, passend bij het beroep dat gedaan wordt op de politie. Met andere woorden: vraag en aanbod van politiewerk moeten goed op elkaar afgestemd zijn. Centraal staat daarbij de veiligheid van politiemedewerkers en burgers.
Koopkracht
Bij Koopkracht staat voor de ACP centraal:
> 3 procent loonsverhoging
> Verhoging toeslagen en onkostenvergoedingen
Politiemensen moeten hun werk onder steeds moeilijkere omstandigheden doen. Enerzijds neemt het geweld tegen politiemensen toe en is het politievak inmiddels een “hoog risicoberoep”. Anderzijds wordt er steeds meer van de politieorganisatie verwacht zonder dat er meer collega’s bij komen. De recente discussies over de dierenpolitie en de inzet bij evenementen maken dat nogmaals pijnlijk duidelijk.
Het afgelopen jaar hebben we met de Packagedeal in financieel opzicht een pas op de plaats gemaakt. Het is nu tijd om het maatschappelijke belang van het werk van politiemensen, dat gedaan moet worden onder steeds moeilijkere omstandigheden, uit te drukken in financiële waardering. Bovendien zijn de kosten voor levensonderhoud en ziektekosten sterk gestegen. Onze leden voelen dat maandelijks in hun portemonnee.
De ACP vraagt voor de nieuwe CAO een loonsverhoging van 3 procent om de koopkracht en de aantrekkelijkheid van het vak te waarborgen. Daarnaast moeten diverse toeslagen en onkostenvergoedingen niet alleen in stand blijven, maar ook verhoogd worden. We denken daarbij aan de onregelmatigheidstoeslag, maar bijvoorbeeld ook aan de vergoeding voor reiskosten, die zich niet meer verhoudt met de gestegen brandstofprijzen. Verder moet ook de piketvergoeding verhoogd worden, gelet op de toenemende druk bereikbaar en beschikbaar te zijn voor het werk, waarbij de balans tussen werk en privé steeds verder afneemt.
Generatiewisseling
Bij Generatiewisseling staat voor de ACP centraal:
> Behoud mogelijkheid om eerder te stoppen met werken
> Werktijden op maat: invloed op eigen rooster en behoud nachtdienstontheffing
> Persoonlijk scholingsbudget onder eigen beheer medewerker
> Werkgever en werknemer zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor Fit & Gezond
Net als andere sectoren heeft de politie ook te maken met een vergrijzende beroepsbevolking. De gemiddelde leeftijd in de korpsen is hoog. Dat heeft gevolgen voor de organisatie van het werk. De komende jaren vindt er een grootschalige wisseling van de wacht plaats: oudere collega’s treden uit en zullen vervangen worden door jongere collega’s. Deze generatiewisseling vraagt om goede afspraken voor oudere en jongere collega’s.
Zwaar en risicovol beroep
De ACP vindt dat de aard van het politiewerk vervroegde uittreding rechtvaardigt, nu en in de toekomst. Politiewerk is immers zwaar werk, met een hoog risico. De omvang van het arbeidsverleden en het aantal dienstjaren moeten mede bepalen wanneer er recht is op vervroegde uittreding. Iedere collega moet in staat worden gesteld om zijn of haar werk op een goede en gezonde manier te kunnen doen. Om langer door te kunnen werken zijn investeringen in fitheid van cruciaal belang. Werkgever en werknemer hebben daar een gezamenlijke verantwoordelijkheid in. De werknemer dient zijn conditie op peil te houden, de werkgever dient de werknemer daarin te faciliteren. Zonder actieve bijdrage (in geld of tijd) van de werkgever kan er geen sprake zijn van arbeidsvoorwaardelijke consequenties bij het zakken voor de fitheidstest.
Arbeidstijden zijn eveneens een belangrijke factor om fit en gezond te kunnen werken. Dat geldt voor alle medewerkers. Maatwerk is het sleutelwoord. Voor een jongere collega die het werk combineert met een gezin, voor een oudere collega die fysiek niet meer (volledig) in staat is om nachtdiensten te draaien. Eigen regelruimte, passende vergoedingen en onderlinge solidariteit zorgen voor passende oplossingen voor alle collega’s. Daarbij gelden wel bepaalde kaders, zoals bijvoorbeeld nachtdienstontheffing. De ACP vindt dat de mogelijkheid tot nachtdienstontheffing behouden moet blijven.
De discussie over vervroegde uittreding kan verder niet los gezien worden van een personeelsbeleid, gericht op perspectief voor de toekomst. Ontwikkelingsmogelijkheden, doorstroombeleid en levensfasebewust personeelsbeleid zijn van groot belang om de slagvaardigheid van de politie en politiemensen op peil te houden en te vergroten. De kennis en ervaring van oudere collega’s moet optimaal benut worden. De werkgroep Inzetbaarheid heeft goede voorstellen gedaan om dit toekomstgerichte personeelsbeleid vorm te geven. Nu is het zaak om deze voorstellen verder uit te werken en te implementeren.
Heb jij een vraag over de CAO 2012-2014 voor de politiesector? Bekijk dan allereerst de onderstaande lijst met veelgestelde vragen. Staat jouw vraag hier niet bij? Stuur dan een e-mail met jouw vraag, onder vermelding van 'CAO 2012', naar caoonleesbaaracponleesbaarnl. Jouw vraag wordt dan voorzien van een antwoord en op deze site geplaatst.
Veel ACP-leden vanuit het hele land hebben op woensdag 15 juni 2011 tijdens de Algemene Vergadering (AV), het hoogste bondsorgaan van de vakbond, de kaders vastgesteld voor de ACP-inzet voor een nieuwe CAO Politie voor 2012. De AV werd dit keer ook grotendeels op video vastgelegd. Hieronder is daarvan een compilatiefilm te bekijken.