Politiestudenten zijn in dienst bij een korps. Dit betekent dat ze ook salaris ontvangen. De hoogte hiervan hangt af van het niveau van de opleiding die wordt gevolgd. In 2010 zijn er afspraken gemaakt, waardoor het salaris van studenten voor drie jaar lager is.
Een student krijgt salaris op basis van artikel 3 van het Besluit bezoldiging politie (Bbp). In lid twee van dat artikel staat welke salarisschaal hoort bij welk opleidingsniveau. Als een student volgens het bevoegd gezag naar behoren functioneert, stijgt op gezette tijden het salaris. Dit gebeurt na zes maanden, een jaar, twee jaar en drie jaar vanaf het begin van de opleiding. De eerste twee jaar is het salaris voor studenten van alle niveaus gelijk. Daarna ontstaan er verschillen in salaris tussen de verschillende niveaus.
Het kan voorkomen dat studenten in de klas zitten met iemand die een hoger salaris heeft dan deze student zelf. Dit kan als volgt worden verklaard: mensen die meer dan een jaar werkervaring hebben en vervolgens bij de politie gaan werken, krijgen een salaris dat is afgestemd op het salaris dat ze van hun vorige werkgever ontvingen. Hieraan is wel een maximum verbonden. Deze regeling is tot stand gekomen, omdat de politie ook de instroom van iets oudere studenten met meer levenservaring wil bevorderen.
Om de afgesproken instroom van studenten te kunnen betalen, is in het voorjaar van 2010 ook afgesproken dat studenten die hun opleiding starten tussen november 2010 en september 2013 tijdens de schoolkwartielen 50 procent salaris ontvangen. De afspraak is onderdeel van de zogenoemde packagedeal die de politievakbonden in 2010 overeenkwamen met de minister. Hierin werden afspraken gebundeld over verschillende zaken binnen de politiesector.
Korpsen bleken heel verschillend om te gaan met de vermindering van het salaris tijdens de schoolkwartielen. Zo hebben diverse korpsen hun studenten slecht of helemaal niet geïnformeerd over de salariskorting. De ACP heeft daarom samen met studenten actie gevoerd via een petitie aan minister Opstelten om te zorgen dat de salariskorting voor deze studenten teruggedraaid zou worden. En met succes, want minister Opstelten heeft daarop besloten om de kortingsmaatregel terug te draaien voor circa 500 aspiranten die met de opleiding zijn gestart tussen november 2010 en 1 juli 2011. De kortingsmaatregel heeft daarmee pas effect op het salaris voor de aspiranten die in augustus 2011 of later zijn gestart met hun opleiding.