Met een studie aan de Politieacademie ben je niet alleen student. Je bent ook werknemer van het korps waar je een aanstelling hebt. Daarbij horen rechten en plichten die in verschillende documenten zijn vastgelegd. Maar waar staat nu wat beschreven?
De algemene rechtspositie van politieambtenaren, onder wie ook de politiestudenten, is vastgelegd in het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp). In het Besluit bezoldiging politie (Bbp) staat het salaris van politiemensen genoemd en in het Besluit reis-, verblijf- en verhuiskosten politie (Brvvp) staan de reiskosten beschreven.
In het Barp staat onder meer beschreven hoe de aanstelling in zijn werk gaat, welke regels er zijn over arbeids- en rusttijden en onder welke voorwaarden je recht hebt op buitengewoon verlof. Verder staan in dit document alle verschillende vormen van ontslag. De meeste artikelen gelden ook voor studenten. Er zijn echter uitzonderingen, bijvoorbeeld als het gaat over vakanties, buitengewoon verlof van lange duur en gedwongen verplaatsing. Alle uitzonderingen voor studenten staan genoemd in artikel 100 van het Barp.
In het Bbp staan alle regels die gemaakt zijn over het salaris, extra vergoedingen en toelagen die je bijvoorbeeld krijgt voor overwerk en onregelmatige diensten. In artikel 50 van het Bbp staat welke artikelen wel en niet op studenten van toepassing zijn. Als artikelen niet van toepassing zijn, komt dat meestal omdat het om situaties gaat waarin studenten niet terechtkomen.
De vergoeding die je krijgt voor gemaakte reiskosten, is vastgelegd in het Besluit reis-, verblijf- en verhuiskosten politie (Brvvp). In artikel 3 - lid 1 - sub d van de reisregeling is de situatie van studenten beschreven: “De ambtenaar heeft aanspraak op een tegemoetkoming in de kosten voor het dagelijks reizen tussen: de tijdelijke huisvesting of de woning en de plaats van tewerkstelling, indien het een ambtenaar betreft tijdens de initiële opleiding.” Ook vergoedingen voor verhuizing en dienstreizen zijn in het Brvvp opgenomen.
Al deze regelingen samen vormen de rechtspositie van politieambtenaren en dus ook van politiestudenten. Daarnaast wordt om de zoveel jaar de CAO Politie afgesloten. Over de inhoud hiervan onderhandelen de ACP en de andere politievakbonden met de minister van Veiligheid en Justitie. Onderhandelingen die vooral gaan over beloning, zoals het salaris en de hoogte van extra toelagen, maar bijvoorbeeld ook over vrije dagen.