ACP | Politievakbond ACP

‘De rek is eruit’

De politie kampt met een chronisch capaciteitstekort, roosters die niet rondkomen, een oplopende werkdruk en hoog ziekteverzuim. Voor de ACP zijn dit belangrijke onderwerpen in de CAO-onderhandelingen. Wij spreken collega’s Lonneke Alkemade en Ramon Meijerink: wat merken zij van bovenstaande punten en hoe beleven zij het CAO-traject?

Wat houdt jouw functie in?

Lonneke: “Als senior meldkamer ben ik verantwoordelijk voor de interne aansturing bij meldkamerprocessen. Ik coördineer alle acties die volgen op een melding en ik coach en ondersteun de medewerkers. Als calamiteitencoördinator geef ik leiding aan het multidisciplinaire meldkamerproces en zorg ervoor dat brandweer, ambulance en politie dezelfde werkwijze toepassen. In september ga ik in Den Haag weer als hoofdagent aan de slag. Ik wil terug in de operatie en fysiek in contact zijn met burgers.”

Ramon: “Als hoofdagent ben ik vooral bezig met reguliere noodhulp en OMG (Outlaw Motorcycle Gangs). In het kader van internationale samenwerking ben ik ook aanspreekpunt voor buitenlandse collega’s. In verband met te veel werk en onderbezetting, ben ik nu voor een half jaar gedetacheerd bij DAP, zodat de noodhulp daar verder kan draaien en collega’s tijd krijgen hun werk op papier goed vast te leggen. Hier coördineer ik bijna alle zaken van de straat, behalve verkeerszaken: ik zorg dat alles goed op papier komt en dat dit naar het OM gaat.”

Wat spreekt jou het meeste aan in je werk?

Lonneke: “Het onverwachte, je weet niet wat er gaat gebeuren. En het spin in het web-gevoel.” Ramon: “De nut en de noodzaak van ons werk. Als ik als eerste van de hulpdiensten bij een ongeval kom, is het mijn taak te beslissen wat iedereen gaat doen en in welke volgorde. Die verantwoordelijkheid is groot. Een slachtoffer van huiselijk geweld steunen. Iemand reanimeren. Wat wij doen, doet er echt toe. Dat is mooi, maar vaak ook heftig.”

Waar loop jij tegenaan?

Lonneke: “De onderbezetting en roosterdruk. Hierdoor zitten wij ook met ziekteverzuim. De inzetbaarheid van sommige mensen is kleiner, dus ga ik voorzichtiger met ze om. Verder is de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd een belangrijk onderwerp. Ook al ben ik er nu nog niet mee bezig. Wij hebben fysiek geen zwaar beroep, maar onderzoeken wijzen uit dat als je onregelmatig werkt, zoals ik nu, je leven met meerdere jaren wordt verkort. Een probleem is ook dat aanvragen voor nachtdienstontheffing gewoon worden afgekeurd, terwijl dat nu nog een recht is.”

Ramon: “De roosterdruk. Het druk hebben, is niet erg. Maar het is belangrijk dat je erna kunt ontspannen, dat zorgt voor ontlading. Er is nu niet voldoende capaciteit. Hierdoor blijven zaken liggen. Daarbij vervallen er regelmatig diensten, waardoor collega’s dubbele diensten draaien. Ze werken over en handelen thuis hun mail af, zodat ze tijdens hun dienst de straat op kunnen. Dit frustreert. De rek is eruit, er zit geen spek meer op het bot. Daarnaast is het heel moeilijk om door te groeien binnen de NP. Als ik de opleiding tot hoofdagent niveau 4 wil volgen, kan ik pas over 2,5 jaar beginnen. Dat betekent dat ik over een kleine vier jaar pas klaar ben.”

Hoe komt dat?

Lonneke: “De NP heeft onze personele bezetting gebaseerd op basis van de Landelijke Meldkamer die politie, brandweer, ambulancezorg en Koninklijke Marechaussee in 2019 krijgen. Volgend jaar start in Haarlem een van de tien locaties, maar wij moeten met de formatie voor een locatie in 2019 nu drie locaties bemensen en het is heel lastig. Wij werken kneiterhard om alle diensten rond te krijgen. Als wij naar Haarlem verhuizen, moeten sommige collega’s langer dan een uur reizen. De vraag is of zij blijven.”

Ramon: “De organisatie zit vast, het knelt aan alle kanten. Er zijn te weinig mensen en er is te veel werk. Ook wordt vaak de rol vergeten die de politie heeft in de Nederlandse samenleving. Wij doen veel aan preventie. Dit kost veel tijd ,maar heeft ook veel effect. Helaas is dit in statistieken niet terug te zien. De trend is dat minder mensen aangifte doen. Omdat ze denken, of hebben ervaren, dat het toch weinig effect heeft. De politiek ziet minder aangiften en dan wordt ons budget naar beneden geschroefd.”

Hoe gaat de leiding hiermee om?

Lonneke: “Alle lof voor mijn teamleiding. Die probeert ons tekort op te vangen via tijdelijke tewerkstelling en door inzet van agenten met een 50/50-constructie die deels op straat en in de meldkamer werken. Er zijn net weer mensen aangenomen, zij krijgen eerst een interne opleiding van drie maanden, zodat zij na de zomer vol in de operatie kunnen beginnen.”

Ramon: “Onze directe leiding gaat voor ons door het vuur. Maar het dringt niet door tot het hogere niveau. Daar weet men niet wat er echt speelt op de werkvloer, de CAO-inzet van de werkgever is daar het bewijs van. Veel collega’s hebben meerdere reorganisaties meegemaakt en die geloven, na zoveel beloftes, niet meer dat het nog beter wordt. Ze zijn het beu en dat snap ik.”

Hoe is de sfeer in het team?

Lonneke: “De basis is prima. Wij zitten acht uur met meerdere mensen op elkaars lip, dat geeft een soort familiegevoel. We staan echt klaar voor elkaar en nemen elkaars diensten over. Maar ik voel wel onrust door het personeelstekort en doordat we drie locaties hebben. Soms is er miscommunicatie en worden diensten niet ingedeeld. Dat is vervelend.”

Ramon: “Op zich goed, maar je voelt wel steeds enige spanning. Collega’s willen zaken aanpakken en afronden, hier is vaak geen tijd voor. Als je een keer vrij wilt, of een weekend wilt ruilen, is dit heel moeilijk: er is geen ruimte en er zijn geen mensen. Onze planner doet erg zijn best, maar het is heel lastig.”

Wat is jouw verwachting over het CAO-traject?

Lonneke: “Ik lees de nieuwsbrieven en accepteer het zoals het loopt. Ik steek mijn tijd nu vooral in de organisatie van mijn eigen team. Als het voorstel voor reiskosten doorgaat, is dat voor mij in mijn nieuwe functie straks niet te doen.”

Ramon: “De rek is eruit bij veel collega’s. In andere beroepen krijgen de mensen meer geld, meer extra’s van hun werkgever, waarom wij niet? Het water staat veel collega’s aan de lippen.”

Heb je een boodschap voor de CAO-onderhandelaars?

Lonneke: “Ik wil niet dat ons nog meer wordt afgepakt. Streef naar maatwerk, wat heeft iemand nodig? Wat kan de werkgever bieden om het werkplezier te verhogen? Hierbij is de balans met het privéleven ook heel belangrijk.”

Ramon: “Hardwerkende collega’s vragen al jaren om betere omstandigheden en beloning. Steek je nek uit voor een goede CAO! En zorg dat je een groep jonge collega’s betrekt bij het hele proces; vraag hun mening over bepaalde CAO-onderwerpen.”

Ben je bereid actie te voeren als dat nodig is?

Lonneke: “Ik ben er geen type voor om op het Malieveld te demonstreren. Bovendien lukt dit qua bezetting niet.” Ramon: “Ja, natuurlijk. Ik laat wel van mij horen, wat misschien ook niet altijd handig is (lachend). Maar, hebben andere collega’s er nog vertrouwen in? En zijn zij bereid om actie te gaan voeren? Ik weet het niet.”

In de media

 

Terug naar overzicht

Wij maken gebruik van cookies om je een optimale gebruikerservaring aan te bieden. We maken gebruik van analytisch cookies om de website en dienstverlening te kunnen verbeteren en cookies van externe partijen. Lees voor meer informatie onze  privacy statement . Klik op de accepteer button om de cookies te accepteren.