Je moet het voelen om het te kunnen begrijpen

Je moet het voelen om het te kunnen begrijpen

26 jun 2020, blog

Blog Joana, secretarieel medewerker politie

Op 1 juni 2020 gingen bijna 10.000 mensen de straat op richting de Dam. Je zou bijna denken dat al die mensen naar de kroeg gingen of lekker op het grote plein gingen zitten om te genieten van de zon. Per slot van rekening mocht dat weer na maanden binnen te hebben gezeten wegens de intelligente lockdown. Maar nee, ze gingen de straat op uit solidariteit voor de protesten in de Verenigde Staten tegen anti-zwart geweld. Maar was het enkel uit solidariteit of was het ook omdat de Nederlandse samenleving verschillende groepen achterstelt. Omdat zij mogelijk zien dat hele groepen zich tweederangsburger voelen, zich in onze maatschappij niet gezien of gehoord voelen.

De tegenstellingen zwart/wit, wij/zij, inclusief/exclusief die met de protesten werden aangehaald, zijn van alle tijden en komen in alle bevolkingsgroepen en gezinnen voor. Je moet het voelen om het te kunnen begrijpen. In het dagelijkse leven roept het verschillende vragen op. Was ik niet de meest geschikte kandidaat voor deze functie? Was mij deze functie niet gegund? Heb ik de baan of de functie niet gekregen, omdat ik zwart ben? Vaak kom je het antwoord nooit te weten, want hoe weet je - of bewijs je - wanneer het discriminatie is en wanneer het ongeschiktheid is. Een belangrijk onderdeel hiervan is wie de macht in de ruimte heeft om de antwoorden op deze vragen te bedenken én om ze uit te spreken. Ben je namelijk ongeschikt omdat je schrijffouten maakt of omdat jouw soort niet past in de functie. Het eerste zal je geheid horen, het tweede niet. Want discriminatie bestaat niet in Nederland, toch?

Tijdens mijn 30 jaar bij de politie hebben de organisatie en ik een haat-liefdeverhouding met elkaar ontwikkeld. In mijn goede jaren is het liefde. In mijn slechte jaren is de liefde ver te zoeken en wil ik weggaan. Ik ben ooit bij de politie begonnen, omdat ik me maatschappelijk betrokken voel en graag iets wil bijdragen. In mijn tijd heb ik genoeg collega’s gekend die mij waarderen om wie ik ben en om mijn competenties. Deze waardering heb ik vaak gemist bij leidinggevenden. Ik heb een hbo-diploma en toch is het mij niet gelukt om een functie of salaris op dat niveau bij de politie te bemachtigen. Misschien spreek of beheers ik na 30 jaar nog steeds de interne cultuur van de politie niet. Of misschien laat ik mij in de hoek zetten op basis van mijn achtergrond. Weer weet ik het antwoord niet. Je moet het voelen om het te kunnen begrijpen.

Ik heb van dichtbij onrecht meegemaakt, maar is dat discriminatie? Ik zag hoe een leidinggevende alleen collega’s aannam die op haar leken qua uiterlijk. Op de een of andere manier waren dat de enige mensen die zij competent achtte om het werk te doen dat zij voor ogen had. Is dat discriminatie? Wie het antwoord weet, die mag het zeggen. Ik heb geleerd dat als je iets voelt, dat het dan vaak ook zo is. Het roept de vraag op of iedereen binnen de politie evenveel kansen krijgt. Toen ik in 1990 bij de toenmalige gemeentepolitie begon, was het beleid een kwart instromers met diverse achtergrond. Maar waar zijn deze mensen 30 jaar later gebleven? Bij ons in de eenheid werken ze niet meer.

Met gelijke kansen zal er voor eenieder ruimte zijn binnen de politie, een organisatie waar juist diversiteit heel belangrijk is. Ik werk nu aan een prachtig programma ‘PDC Inclusief’, waarbij het onder andere gaat over hoe we met elkaar omgaan en de dialoog aangaan. Mijn hoop is hierop gevestigd en ik geloof dat het verschil gaat maken.

OOK INTERESSANT

bottombanner

LID WORDEN VAN DE ACP?

AANMELDEN